Architecten

Jan Sterenberg (1923-2000)

Bouwen in serie: CONSTRUCTIE en CONTEXT

Dat is de titel van het tentoonstellingsportret van architect Jan Sterenberg uit Ter Apel, actief tussen 1951 en 1983.

Hij werd vooral de ontwerper van grote woningbouwprojecten, inclusief de stedenbouwkundige planning daarvan.

Dat begon toen de gemeente Emmen hem en collega-architecten A. Nicolaï en A. Oosterman verzocht de uitbreiding van Emmen op zich te nemen.

In 1978 werd hij hoogleraar seriematige woningbouw aan de T.U. Delft, waar hij zelf ook gestudeerd had. Hij werkte inmiddels aan veel grote projecten in de Randstad, al bleef hij wel in Ter Apel wonen en zijn architectenbureau houden.



Oeds de Leeuw Wieland (1839-1919)

Bouwen voor boeren: BALKEN en BAKSTEEN

De tentoonstelling richt zich in de eerste plaats op de boerderijen die Oeds de Leeuw Wieland bouwde. Dankzij de toenemende rijkdom gedurende de ‘champagnejaren’ (ongeveer van 1840 tot 1875) veroorzaakt door de stijgende vraag naar (en daardoor oplopende prijzen van) landbouwproducten, bouwt hij voor boeren schuren als kathedralen en voorhuizen als paleizen. 

De tentoonstelling geeft een beeld van het leven en vooral de werken van deze architect, met daarnaast een beknopte geschiedenis van de boerderijbouw in Groningen. Verder biedt de tentoonstelling inzicht in de ingenieuze, eeuwenoude constructies die de - noodzakelijke - enorme overspanning van de kap van zo’n schuur mogelijk maken. Een flexibele en lichte constructie die ervoor zorgt dat de schuur bestand is tegen stormen en andere bedreigingen. Want die zijn er.

Aardbevingen

Loppersum is een dorp met architectonische allure, en dat is niet in de laatste plaats te danken aan de architect die daar zo veel en zo mooi gebouwd heeft. Maar Loppersum is ook het epicentrum van de mijnbouwschade door de Groningse gaswinning, en daarmee loopt nu juist het gebouwde erfgoed dat Oeds de Leeuw Wieland ons heeft nagelaten gevaar.

Daar kunnen en willen we niet aan voorbijgaan en daarom hebben wij twee kunstenaars opdracht gegeven naar aanleiding hiervan een kunstwerk te maken. Een kunstwerk dat uitdrukking geeft aan wat hier gevoeld en beleefd wordt. Daar is een geluidscollage van Aletta Becker en een beeldende installatie van Jantine Koppert uit voortgekomen.



Egbert Reitsma (1892 - 1976)

Bouwen met bezieling: KLEUR en VORM

Architect Egbert Reitsma pakte ook zelf regelmatig de troffel om de bouwvakkers voor te doen hoe hij de muren van zijn gebouwen gemetseld wilde hebben. Hij had een voorkeur voor een diepliggende voeg en grillig gevormde bakstenen. „Het liefst werkte hij met gesinterde paarsrode bakstenen die bij te hoog vuur waren gebakken en daardoor waren vervormd. Juist die afgekeurde partijen stenen vond hij prachtig, vanwege hun oneffenheden.” Lammert Reitsma, (84) zoon van de architect, wijst naar de gegroefde bakstenen buitenmuren van de gereformeerde kerk in Andijk. „Dit is het echte vakwerk waar mijn vader van hield. Zo kunnen ze het nu niet meer metselen.”

Vooral in het noorden van het land heeft hij zijn sporen nagelaten. Voor de Tweede Wereldoorlog ontwierp hij tal van kerken en villawoningen, voornamelijk in de stijl van de Amsterdamse School. Zijn bekendste gebouwen zijn het Noorder-sanatorium Dennenoord in Zuidlaren en gereformeerde kerken in Andijk, Kollum, Weesp, Appingedam en Leeuwarden. Na de oorlog richtte hij zich meer op de stijl van de Nieuwe Zakelijkheid.



Gerrit Nijhuis (1860 - 1940)

Bouwen volgens de laatste mode: VERHOUDINGEN en VERSIERINGEN

De eerste tentoonstelling in deze serie van vier over Noord-Nederlandse architecten, ging over de 'oude meester' Gerrit Nijhuis, actief als architect van 1880 tot 1920, maar is doorgetrokken naar het heden door een hedendaagse architect uit het noorden, Jurjen van der Meer, zich te laten spiegelen aan Nijhuis. Dat gebeurt in een film die bij de tentoonstelling hoort en begin november 2017 op het Noordelijk Filmfestival in Leeuwarden draait.

In deze film wordt het proces van het uitvoeren van een actuele ontwerpopdracht gevolgd: opdrachtgever Rieks Kroon wil in de binnenstad twee winkelpanden met daarboven appartementen neerzetten, die een verrijking voor de stad moeten zijn. 

De vrijheid die Nijhuis destijds had, omdat hij bouwde in een periode dat de stad kon uitbreiden, is tegenwoordig ondenkbaar. Een origineel ontwerp is daarom altijd onderworpen aan ge- en verboden. Met alle beperkingen, of moeten we zeggen: uitdagingen vandien.